Ribes cynosbati

De bergstekelbes of Stekelige Stekelbes is een botanische soort uit de Verenigde staten. De plant blijft kleiner dan een kruisbes. Niet alleen de plant staat vol erg grote stekels, ook de bes is beladen met stekels.

Ook tijdens het bloemstadium zie je die stekels al verschijnen. Ik vraag me trouwens af hoe je zo’n bes opeet.

Vogelbestand

Dan doet ge al eens moeite om enkele nestkastjes op te hangen, en dan gaan de vogeltjes alsnog laten merken dat ons huis niet zo hermetisch dicht is. Deze boomkruipers broeden onder de kroonlijst van ‘t dak.

6 m hoog in de boom heb ik dat boomkruipernest gehangen.

Gisteren zat er ééntje in huis, met de kat er vlakbij. Ik kon hem nog net redden. Hij vloog terug naar buiten, waar hij een uur lang tegen de notelaar bleef hangen. Daarna was hij weg. Ik hoop dat hij/zij dit overleefde. Vanmorgen zag ik in ieder geval nog steeds voedselbeleveringen voor het nest…

Dan doet ge trouwens ook moeite om 4 nestkastjes op te hangen, waarvan twee speciaal voor pimpelmezen. Maar die voldoen blijkbaar niet, en dus beslissen de pimpelmezen in ‘t mussenhotel te nestelen.

Maar er is ook fijn nieuws. Gisteren zat ik in de tuin wat te wieden. Hoor ik gefladder naast me. Een mus! In onze tuin. Graszaden aan ‘t eten. Voilà. De boycot is over.

Mandragora

Impatiens omeiana

Vorig jaar was me de stand van Madragora al opgevallen op Beervelde, met een mooie verzameling van schaduwplanten, waaronder heel wat salomonszegels. Aangezien ik de schaduwtuin één dezer ga beginnen aanleggen, was dit één van de standen die ik zeker wou bezoeken. Al snel bleek dat de kwekerij op minder dan 10 km van mijn woonst lag, en dat hij ook nog heel wat botanische pioenen had. Hij nodigde me uit voor de opendeurdagen dit week-end.

Daar ging ik erg graag op in. Bij aankomst bleek het een erg kleine kwekerij te zijn maar wel met bijzondere planten, de meesten bij mij onbekend. 

Ik kocht er Paeonioa delavayi (een boompioen) en Paeonia obovata ‘alba’, een pioen met bruinrood blad en witte bloemen die nu al uitgebloemd is. Verder nog twee Salomonszegels (waaronder Polygonatum cyrtonema, een plant die bijna 1,5 m hoog wordt).

Verder kocht ik nog enkele planten met speciale bladtekening of -kleur, waaronder ‘Impatiens omeiana‘ en Rheum ‘Ace of Hearts’.

Ondertussen staan er hier nu wel 40 planten in pot te wachten op een plaatsje in de tuin (de 200 hosta niet meegeteld). Ik hoop de volgende weken te kunnen starten met het uitplanten.

Plat

De muur zou ingenomen worden door Schizophragma hydrangeoides. Dat was in ieder geval het plan. Maar tijdens de warme lentedagen van de afgelopen weken viel me op hoe warm het ‘s avonds wel was tegen die (westen)muur. Niet de ideale plek voor Schizophragma. En ook een beetje zonde om zo’n muur niet te gebruiken om lekker fruit tegen te laten groeien.

Zowat alle verschillende opties zijn de revue gepasseerd; van klimplanten tot leibomen, de keuze bleef moeilijk want ik heb van zowat alle soorten al een redelijk assortiment. En dus zocht ik ijverig naar iets dat nog niet in de tuin stond. Een leipeer of -appel tegen een muur vind ik erg mooi, maar ik heb ondertusse,n wel genoed appelaars en perelaars. Druiven ook. Vijgenbomen durven wel eens onfatsoendelijke dingen doen met funderingen van oude huizen. Een kerselaar of pruimelaar zie ik me nu niet direct leiden tegen een muur. Ik had ook de Nashiperen kunnen verzetten .

Maar uiteindelijk kwam ik uit op een platte perzik. Die had ik nog niet, en had ik niet zo lang geleden te koop zien staan. Ik had ook maar twee perzikboompjes staan. Ter plaatse stond er ook een platte nectarine te koop. De boompjes staan nu naast mekaar tegen de muur.

Met deze impulsieve aankoop verlaat ik mijn comfortzone. Zowat alle fruitrassen zijn aangekocht op basis van zoektochten en advies van kwekers, om er zeker van te zijn dat ik goede rassen kocht, niet alleen qua kwaliteit van de vruchten maar ook, en vooral, qua ziekteresistentie. De twee andere perzikbomen in de tuin zijn volledig resistent  en goed resistent aan de krulziekte. De kans is groot dat de twee nieuwe boompjes volgend jaar flink last hebben van de krulziekte. Bovendien ken ik van geen van beide bomen de correcte rasnaam. Maar die kan me gestolen worden als de bomen redelijk krulziekteresistent zijn en lekkere vruchten opleveren.

Maar dat zien we volgend jaar wel. En indien dat het geval is, belet niets me de boompjes te rooien en alsnog de nashiperen tegen de muur te zetten, want dat was eigenlijk helemaal geen slecht idee. Zodra het enkele dagen droog en zonnig is krijgen de planten een eerste snoeibeurt. Waaierbomen zullen het worden.

Bloedmijt

Toen ik dinsdagavond mijn slakkenronde deed viel het me op dat de kippen niet in het nachthok zaten. Een duidelijk bewijs dat er iets mis is. Een zelfgemaakte bloedmijtenval bevestigde mijn vermoeden: er zit bloedmijt in ‘t hok.

Deze grijze vekken wijzen duidelijk op de aanwezigheid van bloedmijt

Een vervelende parasiet, die in alle spleten en kieren kruipt en erg moeilijk te bestrijden is. Ook voor wat betreft de kippen staat ecologisch tuinieren hoog in ‘t vaandel geschreven, dus zocht ik een natuurlijk bestrijdingsmethode. De chemische troep die wordt aangewend blijkt trouwens ook niet goed te werken, een reden te meer om er niet mee te beginnen.

Een bloedmijten’val’. De beestjes kruipen overdag tussen ‘t karton…

zodat je ze gemakkelijk kan waarnemen

Na wat zoeken op internet vond ik vijf  ’ecologische’ oplossingen:

  • Dutchy’s (roofmijten) maar daarvoor is de temperatuur nu te laag (min 15°C)
  • Finecto+ (een siliciumoplossing die de dieren mechanische uitdroogt) maar dat is blijkbaar niet zo vlot verkrijgbaar in België
  • Slaolie zou ook redelijk efficient zijn in de bestrijding van de bloedmijt. Ze zouden in het vettig goedje blijven kleven en bovendien stikken door het laagje olie dat ze over zich heen krijgen.
  • Stoomreiniger : de kleine smeerlapjes levend koken, dat kan niet anders dan effectief zijn. Maar ik hoor/lees niet overal even positieve ervaringen, ‘t is moeilijk om overal alles voldoende op te warmen in alle spleten  
  • Verfstripper : iedere verbouwer heeft wel zo’n apparaat in huis. De meeste modellen produceren warme lucht tot 500-600° C.

Ik heb uiteindelijk geopteerd om met de verfstripper dood en vernieling te zaaien. En dat lukte vrij goed. Je kan de bloedluizen gewoon horen ‘ploffen’. Alle naden en kieren werden verhit tot 400°C. Na de hittekuur heb ik ook het hok grondig gereinigd en alle nestmateriaal vervangen.

Een behandeld oppervlak. De zwarte puntjes zijn verbrande bloedmijten

Snel het bloedluizenbestand décimeren, dat was het plan. Maar Ik zag gisterennacht, na de behandeling, nog heel wat bloedmijten rondlopen in ‘t nachthok.

Ik stel het bloedmijt-onvriendelijk maken van mijn kippenhok nu al een jaar uit, ‘t wordt nu écht tijd om er werk van te maken . Dit week-end ga ik het hele hok demonteren en alle spleten goed dichtkitten, en daarna alsnog heel het hok met slaolie behandelen. Ook daarmee zal de bloedmijt niet écht verdwijnen, ze kan hier dan nog maanden rondhangen en op éénder welk moment opnieuw de kop opduiken.

Na de behandeling sliep er gisterenavond één kip opnieuw in ‘t hok, de rest zit nog buiten. Ik hoop dat de rest snel terug mee op stok gaat.

Notelaar

Het blad van de notelaar begint zich eindelijk te ontvouwen, en de boom staat ondertussen ook al enkele dagen volop in bloei. Niet direct mooi of spectaculair.

De mannelijke vruchten zijn die grote lange ‘katjes’, de vrouwelijke die twee kleine bolletjes met een kuifje.

Ik hoop dit jaar op een oogst zoals twee jaar geleden (een opbrengst van meer dan 200 liter noten).

Het weer is in ieder geval beter dan vorig jaar. Maar op die vruchten moeten we nog lang wachten.